
In 1983 hoorde een groep bewoners uit de Weesperzijdestrook en Oosterparkbuurt dat het pand op een binnenterrein aan de Weesperzijde – waar een internaat van Hulp voor Onbehuisden was gevestigd – leeg zou komen.
Ze wilden het pand graag betrekken en gingen op zoek naar een woningbouwvereniging die het pand in beheer zou willen nemen.
Hildo de Haas, directeur van Onze Woning, was bereid erover te praten en na enige onderhandeling werd overeenstemming bereikt. Op 3 juni 1983 trokken de bewoners in het pand. Er was inmiddels een vereniging opgericht: Woonvereniging H.Veo, deze huurde van Onze Woning het pand met het doel ruimte te verhuren aan haar leden. Onze Woning werd verantwoordelijk voor het casco en H.Veo moest gaan bouwen om de ruimtes voor haar leden te realiseren.
Om een en ander te bekostigen werden er 16 zogenaamde kleine opknapbeurten (een rijkssubsidie) aangevraagd. Onze Woning gebruikte deze subsidie voor het casco en gas en elektra tot aan de meter en H.Veo mocht materiaal aanschaffen om de interne verbouwing te realiseren,
De bewoners bouwden muren, kalkzandsteen op de eerste verdieping, gipsplaat op de hogere verdiepingen, ze legden elektra en gas aan en kampeerden meer dan een jaar tot alle kamers gerealiseerd waren.
Woonvereniging H.Veo kent een bestuur dat wordt aangestuurd door de zogenaamde pandvergadering, die bestaat uit alle leden/bewoners en elke twee maanden bij elkaar komt. De zaterdag na deze vergaderingen wordt er geklust. Zelfwerkzaamheid is nog steeds erg belangrijk.
Geschiedenis van het pand
Het pand is rond 1886 gebouwd voor de Deli-brouwerij. Aanvankelijk eerst als ‘mouterij’, later als brouwerij die het destijds zeer populaire Beiersche bier produceerde: een bier van hoge gisting, thans bekend als witbier.

De ketels en stookruimten van de brouwerij bevonden zich in de keuken van tweehoog, éénhoog en de atelierruimte daaronder (nog steeds kun je de oude uitsparingen in het plafond/vloer daar zien). De badkamer van éénhoog en het achterhuis hoorde ook bij het hart van de brouwerij. De rest van het pand was in gebruik voor de opslag van gerst, mout, en verderop in het proces, bier.
![]()
Ergens begin vorige eeuw brandden de bovenste verdieping en de zolder af en zijn er, vanaf de eerste verdieping weer drie etages opgebouwd. Toen de brouwerij ophield, vestigde zich in het pand de Luycx mosterd-en zuurwarenfabriek. Het terrein waarop het gebouw en de omliggende gebouwen staan ontleent zijn naam hieraan: het Luycx-terrein. Vermoedelijk is het ‘theater’ beneden de expeditieruimte geweest van die fabriek – zie de takels aan het plafond – maar dit kan ook nog uit de oorspronkelijke brouwerij stammen. Deze Luycx fabriek vestigde zich later in Diemen.

Nadien, in 1936, werd het pand in gebruik genomen als opvanghuis voor dakloze mannen (het H.V.O. – Huis voor Onbehuisden) die hier woonden en werkten totdat de brandweer zulks afkeurde en de mannen naar elders in de stad moesten verhuizen. Van de H.V.O. periode is ook nog veel terug te vinden in het pand – de prachtige Royal Sphynx badruimte op éénhoog en het achterhuis stamt uit die tijd – de uitstekende vleugel in de tuin (de portierswoning), de grote centrale keuken op tweehoog en de bibliotheek op éénhoog. De restanten van de kas in de tuin en ze hadden zelfs een klein theatertje – nog te bezichtigen in het ‘theater’ en een filmzaaltje, thans de keuken van het achterhuis. Honderdenvijf mannen vonden hier onderdak.
