Categorie: Uitgelicht
Met grote schrik en intens verdriet hebben wij kennisgenomen van het plotselinge overlijden van ons gewaardeerde bestuurslid en penningmeester Saskia Koppelaar.
Saskia was pas sinds 2020 bestuurslid van Huurdersvereniging Arcade. Maar ze was geen onbekende als het gaat om de belangenbehartiging voor Amsterdamse huurders. Als drijvende kracht van de bewonerscommissie van haar geliefde Bickerseiland bracht ze al jaren vele huurders bij elkaar, om samen hun zorgen en hun ideeën te delen voor een betere woonsituatie voor de huurders. Dat is van blijvende betekenis voor de buurt, voor de huurders en voor de stad.
Binnen het Arcadebestuur hebben wij Saskia leren kennen als een daadkrachtige vrouw met een groot hart op een goede plek. Haar talent voor organisatie en verbinding is ons niet ontgaan en zal ons blijven inspireren: hoe zij mensen samenbracht, van huurder tot bestuurder, en hen samen in gesprek liet gaan, al dan niet met een flipover en een glas wijn. Hoe zij aanpakte en doorpakte, ongeacht waar het soms misliep en waar anderen soms steken lieten vallen. We kunnen zonder overdrijven zeggen dat Saskia een onmisbare schakel was in een voor het Arcadebestuur zeer lastige en ingewikkelde periode. Met haar optimistische kijk op het leven en haar gestage werklust en verantwoordelijkheidsgevoel heeft zij het bestuur letterlijk draaiende weten te houden en met vernieuwde inspiratie in de toekomst doen vertrouwen.
Hoe zij de ontspannen heidag organiseerde om in een inspirerende omgeving van gedachten te wisselen en de zinnen te verzetten. Hoe zij kordaat takenlijstjes maakte en ging sorteren wanneer in een onoverzichtelijke hoop ‘administratie’ het einde zoek leek. Hoe ze uitdroeg: wat je zelf niet kunt, dat huur je in, en dan de daad bij het woord voegde. Hoe zij altijd weer de zilveren randjes zag, dwars tussen de donkere wolken en stortbuien door. Ook toen zij hoorde dat het met haar niet zo goed ging als gehoopt. Ook toen nam ze het besluit: geniet zolang het kan, draag bij zolang het kan, pak elk moment.
Saskia was een mooi mens en we hebben veel om haar gegeven. We zullen haar verschrikkelijk missen.

In tuindorp Frankendael, een wijkje in Amsterdam Oost, is het prettig wonen. Bewoners staan voor elkaar klaar. Kevin en Pieter hebben er uitstekend contact met buurman Ruud. We gaan met deze drie bewoners in gesprek over buurtcohesie en onderzoeken of tijdelijke huurcontracten hier invloed op hebben.
Pieter, Kevin en Ruud hebben een druk bestaan. Zo is Pieter in het dagelijks leven leraar op een basisschool. Kevin studeert bedrijfs- en consumentenwetenschappen. Ruud is sinds een aantal jaar trambestuurder bij het Gemeentelijk Vervoers Bedrijf (GVB). Daarvoor was hij 30 jaar theatertechnicus, waarvan 20 jaar als zelfstandig ondernemer. Ruud is de technische man van de bewonerscommissie en houdt zich eveneens met monumentaliteit bezig. Hij woont al lang in het Watergraafsmeerse tuindorp. Zeventien jaar om precies te zijn. Kevin en Pieter wonen er nu tweeënhalf jaar.
De Key werkt sinds 2016 hoofzakelijk met jongerencontracten. Pieter en Kevin hebben zo’n jongerencontract. Een jongerencontract is een tijdelijke overeenkomst voor huurders onder de 28 jaar. In 2021 lopen de eerste jongerencontracten af. Deze vijfjarencontracten worden dit jaar eveneens geëvalueerd. Dit staat in de samenwerkingsafspraken die de huurdersverenigingen samen met de gemeente Amsterdam en de corporaties hebben gemaakt.
We gaan met Ruud, Kevin en Pieter in gesprek.

Jullie wonen in een wijk die in 2010 monumentaal is verklaard. Hoe is het om hier te wonen?
Pieter: ‘Heel erg fijn. We wilden een plek met een buitenruimte en veel groen. Dat is hier zeker het geval. Ik woonde hier eerst alleen. Na een tijdje kwam Kevin hier ook wonen. Bewoners maken graag een praatje met elkaar. We hebben vooral contact met bewoners die hier al lang wonen. Eén van die bewoners is helaas vorig jaar overleden. Er hebben weleens bewoners hulp nodig. We proberen dan altijd te helpen. Bijvoorbeeld met het onderhouden van de voortuintjes. Soms komen we bewoners op verrassende plekken tegen. Zo waren we een keer in Ruk & Pluk, een café in Amsterdam-Oost. Daar bleek onze buurvrouw één van de stamgasten te zijn. Ze stond daar op talloze foto’s.’
Kevin: ‘Ik sluit me helemaal bij Pieter aan. Het is hier prettig wonen. Dit tuindorp lijkt op het dorpje in Zwitserland waar ik ben opgegroeid. Ik woonde op de Albert Cuyp, dat is ook een fijne plek maar wel heel anders dan hier. Buren delen veel met elkaar. Als wij bij mijn familie in Zwitserland zijn geweest, brengen we vaak chocolade voor de bewoners hier mee.’
Ruud: ‘Het is hier inderdaad fijn wonen. Je zit heerlijk in de rust en tegelijkertijd ben je op de fiets binnen 10 minuten in de chaos van Amsterdam. Dat is echt ideaal. Bewoners nemen regelmatig iets voor elkaar mee. Zo is hier een gezin dat na hun vakantie in Marokko altijd koekjes meebrengt. Alleen als ik de loterij win en een huisje in Schellingwoude kan kopen, ga ik hier weg. Anders vertrek ik alleen tussen zes plankjes.’
Wat zijn jullie ideeën om het contact tussen buren te bevorderen?
Kevin en Pieter: ‘Een barbecue voor iedereen die hier aan het hofje woont zou fantastisch zijn. Zo leren bewoners elkaar kennen. Het helpt om langs de deuren te gaan en mensen persoonlijk uit te nodigen. Dat vergroot de kans dat bewoners komen. Verder is een buurtapp handig om bewoners met elkaar in contact te brengen. De bewonerscommissie kan hier een rol bij spelen. Een besloten Facebookgroep lijkt ons ook een goed idee. Het is goed voor het contact tussen bewoners en het kan de zichtbaarheid van de bewonerscommissie vergroten. We kunnen ook een tuinteam maken om zo samen de voortuintjes aan te pakken.’
Ruud: ‘Zo’n tuinteam is inderdaad een goed idee. Net als een barbecue trouwens. We wilden als bewonerscommissie al heel lang iets aan de voortuintjes doen. Kevin en Pieter helpen hun onderbuurvrouw geregeld met haar voortuintje. Wat dat betreft zijn het echt modelburgers. Ik kan me overigens wel voorstellen dat als je ergens 5 jaar woont, je niet veel geld wil investeren in je huis. Dan is het misschien aantrekkelijker om je tuin vol te gooien met stenen omdat dit minder onderhoud vraagt. Ik ben bang dat de voortuintjes in de wijk er dan minder fraai uit gaan zien. Wat dat betreft is het afwachten wat voor effect die tijdelijke jongerencontracten hebben.’
Kevin en Pieter zien een Facebookgroep als een manier om het buurtcontact te bevorderen. Denk jij daar ook zo over Ruud?
‘Ja zeker. De bewonerscommissie kan zich daar met een groepsfoto en een tekstje voorstellen. De huidige generatie ouderen kan ook aardig met Facebook overweg dus die zul je er ook mee bereiken. De kringloopwinkel hier in de buurt heeft een Facebookpagina voor de buurt opgezet. Daar kunnen wij ons door laten inspireren, ook al richten wij ons alleen op de huurders van De Key. Iemand die een paar uurtjes vrij heeft en hulp aanbiedt, kan dat ook in de groep zetten. Om te peilen wat er onder bewoners leeft, kunnen we één keer per maand een poll plaatsen. We kunnen bewoners naar suggesties vragen en hen uitdagen om online met elkaar te discussiëren. Als je elkaar al eens online gesproken hebt, wordt de drempel kleiner om elkaar op straat aan te spreken. En dat is natuurlijk wat je wil.’
Jullie hebben goede ideeën om buren met elkaar in contact te brengen. Hebben jullie het idee dat een jongerencontract invloed heeft op de wijze waarop iemand zich voor zijn buurt inzet?
Pieter en Kevin: ‘Deels. We hebben een goed burencontact en helpen graag met allerlei klussen. In die zin kan je met een jongerencontract dus ook veel aan de buurtcohesie bijdragen. Tegelijkertijd maakt het bij grotere projecten, zo’n tuinteam bijvoorbeeld of een bewonerscommissie, misschien wél uit hoe lang je ergens kan wonen. We worden toch wel ontmoedigd omdat we over een paar jaar weer moeten vertrekken. Je staat er dus anders in. Dat betekent niet dat we ons niet willen inzetten natuurlijk, graag zelfs, maar je kan er, als je hier permanent zou wonen gewoon meer uithalen. Het heeft meer zin om er tijd in te investeren.’
Ruud: ‘Ik heb het idee dat je door de constante beweging van mensen die er door jongerencontracten steeds meer zal zijn, je een stuk van je cohesie kwijtraakt. Elke bewoner met een vast contract zal wanneer hij vertrekt, worden vervangen door iemand met een tijdelijk contract. Met een tijdelijk contract loont het niet om energie in je woonplek en buurt te investeren. Kevin en Pieter investeren zeker in de buurtcohesie maar we hebben hier ook tijdelijke bewoners gehad die dat helemaal niet deden. Die vonden burencontact minder belangrijk omdat ze hier toch maar een paar jaar zaten. Het is ook gewoon jammer dat wanneer je leuk contact met de buren hebt, zoals ik nu met Kevin en Pieter, ze weer weg moeten. Als je op een gegeven moment een goede buur hebt, is het ook fijn om die te behouden. Tijdelijke contracten zorgen voor veel onzekerheid bij de achterblijvers. Je krijgt telkens met nieuwe buren te maken waarvan je niet weet hoe het contact zal zijn. Elke vijf jaar moet je maar zien wie je krijgt. Het is ook voor kwetsbare bewoners prettiger wanneer ze in een wijk wonen met veel vaste gezichten. Dat geeft rust. Een stabiele wijk heeft de veerkracht om iemand er bovenop te helpen als dat nodig is. ’

Kevin en Pieter, over een paar jaar zullen jullie hier weer moeten vertrekken. Wat vinden jullie daarvan? Hoe kijken jullie, met andere woorden, aan tegen zo’n jongerencontract?
Kevin: ‘Er zitten voor- en nadelen aan. Het goede aan een jongerencontract is dat ook andere jongeren de kans krijgen om in ieder geval een aantal jaar in een betaalbare woning te zitten. Alhoewel wij straks moeten vertrekken, gunnen we deze woning dus ook aan een andere jongere. Als wij hier vijf jaar mogen zitten, dan is het eerlijk dat een ander dat ook mag. Bij gebrek aan beter, dat zeggen we er wel bij. Want het zou natuurlijk ook fijn zijn als je zelf kon bepalen wanneer je weggaat.’
Pieter: ‘Een jongerencontract heeft inderdaad voor- en nadelen. Voor mij was een jongerenwoning wel een kans om snel aan een betaalbaar huis te komen. Ik heb langer over mijn studie gedaan en zat nog in een studentenwoning. Toen ik afgestudeerd was, stond ik voor een jongerenwoning lang genoeg ingeschreven bij Woningnet. Op een huis met een contract voor onbepaalde tijd, maakte ik vanwege mijn inschrijfduur weinig kans. Kevin krijgt hopelijk ook een vaste baan. Dan kunnen we straks samen naar een andere woning zoeken. Ik heb er vertrouwen in dat dit lukt. Voor onze buren is het natuurlijk jammer dat wij niet kunnen blijven. Wij zijn erg op elkaar gesteld. Door veel tijdelijke contracten moet je als vaste bewoner maar afwachten wie er steeds komt wonen.’
Ruud: ‘Ik zou jongerencontracten heel redelijk vinden als er ook een redelijk alternatief wordt geboden ná die vijf jaar. Dat redelijke alternatief is er echter niet. Het middensegment in de huursector ontbreekt compleet. Kopen zou een alternatief kunnen zijn maar dan moet er wel iets betaalbaars te vinden zijn. Dat is niet het geval. Zeker niet in Amsterdam. Ik hoop van harte dat het Kevin en Pieter wél lukt om straks een mooie plek te vinden.’
De kascommissie controleert jaarlijks steekproefsgewijs de door het bestuur opgestelde jaarstukken. Dit doet de kascommissie aan de hand van bankafschriften, facturen of kassabonnen. Zo checkt de kascommissie of alle inkomsten en uitgaven op de juiste manier zijn geregistreerd, verwerkt en geboekt.
Elke uitgave moet verantwoord kunnen worden. Als er onduidelijkheden zijn, geeft de penningmeester tekst en uitleg. Hierbij wordt volledige openheid van zaken betracht. Als de leden van de kascontrolecommissie ervan overtuigd zijn dat alles klopt, adviseren zij de ALV om het bestuur decharge te verlenen voor het gevoerde financieel beleid
U hoeft geen financieel specialist te zijn. Hoewel de werkzaamheden slechts zeer beperkt zijn, is de taak wel essentieel. Vooraf krijgt u een korte introductie met uitleg. De totale tijd is bij elkaar is ongeveer 8 uur per jaar.
Meer informatie of interesse? Stuur een mail naar info@hvarcade.nl.
Arcade-voorzitter Helmie Bijleveld weet het zeker. Huurders hebben een belangrijk jaar voor de boeg. ‘We moeten heel stevig kenbaar maken wat wij als huurders nodig hebben, vooral als straks een nieuwe regering en volgend jaar een nieuwe gemeenteraad aan de slag gaan.’

Het lijkt wel of je er een fulltimebaan bij hebt. Hoe combineer je dit met je werk?
‘Ik werk parttime als beleidsadviseur voor de gemeente Amstelveen. Hierdoor heb ik een volle werkdag beschikbaar voor Arcade. Maar eerlijk is eerlijk, doorgaans besteed ik ook op reguliere werkdagen in de avond zo’n twee à drie uur extra aan Arcade. Dan gaat het bijvoorbeeld om een overleg met De Key of Lieven de Stad, een bespreking met het Arcadebestuur of het beantwoorden van mail. Het scheelt dat ik niet fulltime voor de gemeente werk.’
Wat wilde je bereiken toen je begon bij Arcade?
‘Toen ik als kandidaat meeliep zag ik een hardwerkend bestuur dat zich in belangrijke onderwerpen inhoudelijk verdiepte. Qua organisatiestructuur was het echter rommelig en de leden van Arcade hadden geen goed beeld waar het bestuur zich mee bezig hield. Als voorzitter heb ik lijn in de werkwijze van het bestuur gebracht. Er is nu bijvoorbeeld een werkplan. En om overzicht te houden werken we met een termijnkalender. De communicatie naar de leden en bewonerscommissies is sterk verbeterd. Ik wilde ook de archivering van Arcade verbeteren. Stel dat wij opstappen, dan moet het voor het nieuwe bestuur duidelijk zijn waar we mee bezig zijn geweest. Goede documentatie helpt daarbij.’
Wat zijn de leuke en minder leuke kanten van je werk?
‘Ik vind het leuk om samen met andere huurders dingen te ontwikkelen. Video’s van bewonerscommissies bijvoorbeeld. Tijdens een bestuursvergadering ontstond het idee van de klantervaring van Arcade, als tegenhanger van de klantbeleving van De Key. Een aantal actieve bewonerscommissies is toen gevraagd om een welkomstboodschap op te nemen voor Karin Verdooren. Die heb ik toen aan elkaar gemonteerd en van muziek voorzien. Die compilatie van video’s leidde ertoe dat De Key-directeur Karin Verdooren bij bewonerscommissies langsging.
Wat ik moeilijk vind is dat het veel tijd kost om het juiste verhaal van Arcade op tafel te leggen. Arcade doet stevige dingen, zoals rechtszaken voeren tot en met een hoger beroep in de Raad van State aan toe, en we ontmoeten wel mensen die dat ingewikkeld vinden. Bij hen moeten we vaak duidelijk vertellen waarom we bepaalde stappen nemen en wat de overwegingen zijn.
We worden soms ook als ‘lastig’ gezien maar dat komt óók omdat huurders in een lastige positie worden gedwongen. We moeten als Arcade ongelooflijk veel moeite doen om gehoord te worden. Bijvoorbeeld wanneer De Key zich ontwikkelt tot een woningcorporatie die geen plek meer biedt voor huurders boven de 32 jaar. Voor de meeste sociale huurders (ouder dan 32) betekent dit dat ze niet meer bij de missie van De Key horen. Erger: dat ze eigenlijk een blok aan hun been zijn. Wij als Arcade komen voor deze huurders op. De Key vindt dat we daarmee wat uit te leggen hebben. Het voordeel daardoor is wel dat we ons extra goed voorbereiden en inhoudelijk verdiepen in alles wat over huren en wonen gaat.
Ik maak me zorgen over huurdersvertegenwoordiging, en daarmee ook over de positie van Arcade. Dat komt ook door flexhuren. Wonen is een complex onderwerp. Wij zijn als huurdersvereniging afhankelijk van huurders. Ons bestuur bestaat ook uit huurders. Maar als huurders met een tijdelijk contract al na vijf jaar moeten vertrekken uit hun woning, en dus uit onze vereniging, komt onze continuïteit als belangenbehartiger in het geding. Dat is een slechte zaak.’
‘Tijdelijke huurcontracten bedreigen niet alleen de woonzekerheid maar ook de huurdersvertegenwoordiging’
Hoe heb je (als huurder en voorzitter van Arcade) de afgelopen bestuursperiode ervaren?
‘We hebben samen met de leden heel wat zaken opgepakt. Voor leden die dat willen is meer ruimte gecreëerd om een actieve bijdrage aan de vereniging te leveren. We hebben ervoor gezorgd dat bewonerscommissies via bewonersbrieven en een enquête hun mandaat kunnen regelen. Verder hebben we door goede samenwerking tussen leden, bewonerscommissies en het bestuur een aantal sociale huurwoningen van de verkoop gered.We hebben samen met huurders onderzoek gedaan naar serviceverlening en communicatie van De Key, dat liet zien hoe er helaas veel misgaat in het contact tussen De Key en bewonerscommissies. Schrijnende gevallen nemen we als het even kan mee naar een overleg met De Key of Lieven de Stad. Het is fijn als problemen door bemiddeling van Arcade snel opgelost worden en dat naast bewonerscommissies ook individuele huurders ons weten te vinden. Tegelijk hoop je dat dit minder nodig is omdat De Key of Lieven de Stad gewoon beter haar werk gaat doen.’
Wat is het belang van een slagvaardig en goed bestuur dat tegelijk de verbinding zoekt met De Key?
‘Dat is heel belangrijk. Het gaat vooral om de wijze waaróp je een overleg voert. In mijn beleving kun je heel stevig aan belangenbehartiging doen zonder daarbij je stem te verheffen. Normaal taalgebruik en respect voor elkaar zijn van belang. De uitdaging is om met elkaar in gesprek te blijven maar wel met een eigen inbreng en visie te komen. Ook daarin trekken we als bestuur met elkaar op. Iedereen heeft een rol. We praten allemaal mee. Het is belangrijk dat we als bestuur op een manier communiceren die aansluit op de belevingswereld van de leden van Arcade. De leden van Arcade zijn redelijke mensen. We willen dan ook op een redelijke manier dingen voor elkaar krijgen. Met een toon die daarbij past.’
Hoe verloopt de samenwerking met De Key en Lieven de Stad?
‘Je moet een respectvolle samenwerking organiseren waarin je invloed kan uitoefenen. Ik heb het idee dat we hard voor die respectvolle samenwerking hebben moeten werken, maar dat die er nu wel is. Er is nu wederzijds respect. Zeker ook dankzij de constructieve en open houding van de nieuwe directeur Karin Verdooren. Vanuit dat wederzijdse respect kan de samenwerking groeien.
Het contact met de Raad van Commissarissen (RvC) en de Geschillencommissie van De Key, is nu ook beter geregeld dan een paar jaar geleden. De RvC controleert of het bestuur van De Key haar werk goed doet, conform de statuten en reglementen van de organisatie. De Geschillencommissie houdt zich met de onafhankelijke beoordeling van klachten bezig. Die klachten kunnen van huurders komen, maar dat hoeft niet. Als de organen van De Key goed hun werk doen, dan helpt dat Arcade.’
‘Mensen willen in goede en betaalbare woningen blijven wonen en dat gunnen we zittende én toekomstige huurders’
Arcade zit in een ingewikkelde positie door de wooncrisis enerzijds en de veranderde politieke realiteit anderzijds. Denk aan het deels afschaffen van de verhuurderheffing (de hoge extra belasting die woningcorporaties uit de sociale sector aan het Rijk moeten betalen). Verder is er de trage formatie en komen er gemeenteraadsverkiezingen aan. Hoe moet de vereniging zich hierin gaan manoeuvreren?
‘Door de prioriteiten van de vereniging helder te hebben en dáár op in te zetten. Mensen willen in goede en betaalbare woningen blijven wonen en dat gunnen we zittende én toekomstige huurders. Het gaat hier ook om de bestendiging van huurrecht. We moeten generaties dus niet tegen elkaar uitspelen. Iedereen heeft recht op woonzekerheid en dus een langdurig huurcontract met een betaalbare huur. Arcade wil ook aandacht voor woningen voor ouderen, woongroepen en kunstenaars.
Met onze prioriteiten in het achterhoofd bereiden wij de onderhandelingen over de prestatieafspraken voor. Woningcorporaties, gemeenten en huurdersorganisaties overleggen met elkaar over prestatieafspraken, die in Amsterdam samenwerkingsafspraken heten. Dit zijn afspraken die het woningbeleid voor de komende vier jaar bepalen.
De uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen is daarvoor ook bepalend. Die uitslag bepaalt wie de stad gaan besturen en dat kan de onderhandelingen makkelijker of moeilijker maken. Omdat het aantal sociale huurwoningen nog niet op peil is zullen we De Key bewegen tot een verkoopstop en de bouw van nieuwe woningen. Er zijn veel meer sociale huurwoningen nodig.
Dat wonen een verdienmodel geworden is, dat moet eruit om de wooncrisis echt aan te pakken. Dat geldt trouwens ook voor zorg en onderwijs. Belangrijke zaken die we allemaal nodig hebben, daar moet je geen geld aan willen verdienen.’
‘Dat wonen een verdienmodel geworden is, dat moet eruit om de wooncrisis echt aan te pakken’
Waar wil je nog mee aan de slag?
‘Dat zijn allereerst de statuten van Arcade. Die zijn aan vernieuwing toe. Statuten zijn de basis voor een organisatie. Hierin staan interne regels en afspraken. Arcade heeft geen huishoudelijk reglement, dat zou er ook moeten komen. Dat is een verzameling regels en richtlijnen die een aanvulling zijn op de statuten. Deze nieuwe statuten zou ik samen met de leden in een werkgroep willen voorbereiden voor de ledenvergadering die daarover kan besluiten.
Een grote uitdaging zijn de prestatieafspraken en hoe we daar de huurders meer bij kunnen betrekken dan vorige keer. We weten nu hoe dat ongeveer verloopt en hebben meer tijd om dat voor te bereiden en de Arcadeleden hierbij te betrekken. Als we bijvoorbeeld door middel van werkgroepen een aantal thema’s inhoudelijk vaker bespreken, dan zijn we beter voorbereid. We staan dan in de onderhandeling met de gemeente en de corporaties sterker.
Het is belangrijk om naar de leden te luisteren en hen te informeren. Als wij huurders goed geïnformeerd zijn, komen we beter voor onze belangen op. Door met elkaar te praten en meer leden te betrekken, krijgen meer mensen de ruimte om kennis op te doen. Uiteindelijk hoop ik dat er dan meer mensen opstaan die de organisatie kunnen dragen.’
Waarom is het belangrijk dat nieuwe mensen zich bij Arcade aansluiten?
‘Het ledenaantal doet er toe. Met meer leden worden we serieuzer genomen. Meer leden betekent ook meer kennis. Elke huurder is namelijk een ervaringsdeskundige. Je weet wat er misgaat in jouw omgeving en die informatie is waardevol voor de vereniging. Daarnaast word je als lid door Arcade op de hoogte gehouden. En het belangrijkste: ook bewonerscommissies doen er toe. Richt, als het even kan, met je buren een bewonerscommissie op. Dan blijf je op een directe manier goed geïnformeerd over wat De Key en Lieven de Stad van plan zijn.’
Meta de Vries en Harrie Houtbeckers van bewonerscommissie Entrepot West I en II sprongen voor restaurant Sham Oost op de bres. Het etablissement moest dicht op last van burgemeester Halsema vanwege een aantal schietincidenten. De Key wilde daarop de huurovereenkomst ontbinden. Dankzij een bewonersactie mag Sham Oost nu in ieder geval tot het hoger beroep open blijven.
Sham Oost is gelegen op de Borneosteiger in Zeeburg. In maart 2020 wordt het restaurant, toen net geopend, opgeschrikt door drie beschietingen. Ook wordt de ingang met een hamer bewerkt. De gemeente sluit de zaak voor acht maanden. De veiligheid van omwonenden en voorbijgangers zou in het geding zijn.
Vanwege de voorvallen wil De Key, eigenaar van het pand, de huurovereenkomst ontbinden. De rechter geeft De Key in de zomer van 2021 gelijk. Half juli wordt bekend dat Sham dicht moet en de eigenaar het pand binnen twee weken moet verlaten. Na de uitspraak spant het restaurant een kort geding aan om de aanstaande ontruiming te voorkomen.
Een kort geding is een spoedprocedure waarbij de rechter om een snelle (voorlopige) beslissing wordt gevraagd. De rechter geeft in een spoedprocedure nooit een definitief oordeel.
Het kort geding op 28 juli pakt goed uit. Sham mag in afwachting van het hoger beroep open blijven. Tijdens het hoger beroep wordt bepaald of de zaak definitief open mag blijven. Bewoners komen voor Sham in actie. Harrie en Meta vertellen er meer over.

Wat is er zo bijzonder aan dit restaurant dat bewoners ervoor op de bres springen?
‘Aanvankelijk waren bewoners sceptisch over het zoveelste restaurant dat zich hier vestigde. Er waren weinig geslaagde ondernemers aan vooraf gegaan, op de eerste ondernemer, Jaap Hannis, na. We merkten echter al snel dat Sham echt zijn best deed. Nadat de zaak op bevel van de gemeente maanden dicht was geweest, hebben we er voor het eerst wat afgehaald. Het eten was prima. We zagen medewerkers die er wat van probeerden te maken. Het is ook leuk dat het restaurant een prettig terras heeft en een gemixte klantenkring. Er komen buurtbewoners maar ook veel mensen van buiten de wijk, met name Syriërs.’
Het restaurant liep dus prima. Hoe ontdekten jullie dat er iets speelde?
‘De eigenaar belde ons als BC op 15 juli van dit jaar. Zijn zaak moest ontruimd worden. Het Parool schreef er een stuk over. Hij vroeg of wij in actie konden komen en stuurde ons stukken toe.
We mailden bewoners om te polsen of zij Sham een warm hart toedroegen. Daarnaast zetten we het een en ander op onze Facebook-pagina.
Bewoners bleken het eten en de sfeer bij Sham erg te waarderen. Hierdoor worden het sociale leven en de sociale veiligheidsgevoelens van buurtbewoners versterkt. Enkele bewoners geven wel aan dat Sham geen feestlocatie moet worden en het afval goed moet afvoeren. Sham heeft hier direct wat mee gedaan.’
Bewoners wilden dus dat Sham bleef. Hoe kwamen jullie in actie?
‘We stuurden op 19 juli een mail naar Lidy van der Schaft, directeur Wonen van De Key. Daarnaast belden we haar. Op 22 juli hoorden we dat De Key niet met onze bewonerscommissie in gesprek wilde. Eduard Bolderheij, manager wijkteams Oost, mailde dat De Key de ontruiming doorzette. De veiligheid van bewoners zou in het geding zijn. Daarnaast leende deze casus over commercieel vastgoed zich niet voor een overleg met omwonenden en/of een bewonerscommissie.’
De Key wilde niet in gesprek. Wat hebben jullie vervolgens gedaan?
‘We kondigden bij De Key aan dat we een actie zouden opzetten met huurders en kopers. We mobiliseerden een indrukwekkend aantal bewoners uit de omringende complexen. Die mensen stuurden allemaal een brief naar De Key. We mailden bewoners maar gebruikten ook app-groepen en onze Facebook-pagina om de actie onder de aandacht te brengen.
Een bewoner had een standaard tekst opgesteld. Bewoners konden de brief aanpassen en vervolgens ondertekenen. We wilden graag in de cc worden gezet. Hierdoor bleven we op de hoogte. Het was opvallend dat De Key aanvankelijk uitgebreid reageerde op elke bewoner maar vervolgens standaard-reacties ging geven. Blijkbaar was dat gezien het grote aantal reacties noodzakelijk.’
De Key kreeg dus veel reacties binnen. Wat was jullie rol tijdens het kort geding op 28 juli?
‘Op verzoek van Sham deed Harrie tijdens het kort geding ons verhaal. Dat maakte indruk. Harrie vertelde dat Sham goed is voor het sociale veiligheidsgevoel en de sfeer in de buurt. De Key stelde daarentegen dat er bij Sham sprake was van ondermijnend gedrag en criminele contacten. De gemeente en de politie zijn echter door de advocaten van Sham gedwongen om alle beschuldigingen van criminaliteit en ondermijning uit de politierapporten te halen. Wat betekent dat het pleidooi van de advocaten van De Key nergens op sloeg. Het blijft erg vreemd dat De Key zich beroept op bedreigingen van de sociale veiligheid van bewoners, maar diezelfde bewoners op geen enkel moment gevraagd heeft hoe zij dat beleven. Typisch, zullen we maar zeggen.
Uiteindelijk pakte het kort geding goed uit. Op 11 augustus bleek dat Sham in ieder geval tot het hoger beroep open mag blijven. De eigenaar heeft ons uitgebreid bedankt.’
Jullie boekten een voorlopig succes. Waar zijn jullie trots op?
‘Dat we binnen een korte tijd veel voor elkaar hebben gekregen. Dan blijkt maar weer dat we ons als buurt met elkaar verbonden voelen. Hopelijk leidt alles ook tot een gunstige uitspraak in het hoger beroep.’
Wat willen jullie huurders nog meegeven?
‘Denk nooit dat grote partijen om bewoners heen kunnen. Kom in actie en denk nooit dat het toch niet lukt. Bundel de krachten en laat je niet overbluffen door de verhuurder. Blijf positief en geloof in je eigen verhaal. Dat wat bewoners te vertellen hebben klopt gewoon heel vaak. Vertrouw daarop.’
Het Woonprotest, de grootste manifestatie tegen woningnood na de Tweede Wereldoorlog, werd gehouden in Amsterdam op zondag 12 september. De volgende demonstratie (Woonopstand) volgt op 17 oktober in Rotterdam. Ook in andere grote steden willen mensen de straat op, bijvoorbeeld in Den Haag (Woonverzet op 13 november) en in Utrecht (datum nog onbekend). Waarom is dit belangrijk?
De afgelopen jaren is de volkshuisvesting uitgehold. Huurders zijn in de knel komen te zitten. Alle maatregelen die opeenvolgende kabinetten hebben genomen, de laatste twaalf jaar onder leiding van VVD-er Mark Rutte, zijn bedoeld om het eigenwoningbezit te stimuleren. Dit heeft geleid tot een enorme prijsopdrijving van woningen, ook huurwoningen.
Daarnaast heeft het kabinet met VVD en D66 bewust gestreefd naar een verkleining van de sociale huursector. Corporaties moeten de verhuurdersheffing ophoesten (een extra miljardenbelasting op maatschappelijk vastgoed) en zijn gedwongen om sociale huurwoningen verkopen.
Ook is het puntenstelsel voor huurwoningen aangepast door het kabinet van VVD en D66. Hierdoor zijn de huurprijzen steeds meer omhoog getrokken. Zo zijn veel sociale huurwoningen door de huurgrens van € 752,- gegaan en in de dure vrije sector beland (de commerciële huurmarkt). Ook heeft de regering grote buitenlandse beleggers binnengehaald met een sterke stijging van de huren als gevolg.
Tijdelijke huurcontracten
Door de invoering van tijdelijke huurcontracten is de woononzekerheid toegenomen. Ook worden huurders met een flexcontract uit hun huis gezet zodat er een nieuwe huurder in kan, voor een hogere huur.
De rechtse partijen zijn hier verantwoordelijk voor. Alle genomen maatregelen zijn in het voordeel van hun (rijke) achterban. Vastgoedbezit is een lucratief verdienmodel geworden.
Met als gevolg dat de sociale huurder volkomen in de knel zit. Jongeren en ouderen, gezinnen en alleenstaanden, mensen met en zonder werk, mensen met een kleine en zelfs iets grotere portemonnee: niemand is meer in staat om een betaalbaar huis te vinden.
Er zijn lokaal in buurten al veel protesten en acties geweest. Nu hebben een aantal initiatiefnemers landelijke protestacties georganiseerd. Want honderdduizenden Nederlanders zijn het zat om zó veel te moeten betalen voor zó weinig.

Manifestatie in het Westerpark
De locatie van het Woonprotest is het Westerpark. Al een half uur voor de aanvang (14 uur) stromen de eerst demonstranten toe. Uiteindelijk staan er volgens schattingen zo’n 15.000 mensen. Mogelijk zelfs meer. Veel jongeren. Velen met geïmproviseerde leuzen op borden of stukken karton.
Een hele rits sprekers passeert de revue. Allemaal om hun actie tegen de wooncrisis te belichten. Mooie woorden en slogans worden met groot enthousiasme onthaald en meegeroepen. Ook de organisatie zelf heeft een tweetal leuzen erin gegooid: ‘Mensen boven markt’ en ‘Fuck de woningmarkt, wonen is een recht’. Vanuit het publiek komen eigen leuzen, zoals ‘Amsterdam, niet te koop’ en ‘VVD, weg ermee’. Deze laatste leus vergeet dat ook coalitiepartijen D66 en CDA volop hebben meegedaan aan het ontstaan van de wooncrisis.
Alle sprekers zijn het erover eens: beleggers, het grote geld, jubeltonnen en hypotheekvoordelen hebben het verziekt. Gentrificatie (het slopen of verbouwen van goedkope huurwoningen om ze daarna te verkopen of verhuren aan rijke mensen) heeft complete volkswijken doen verdwijnen.
Een aantal actiepunten die door de organisatie en de sprekers aan de orde worden gesteld:
- afschaffen van de verhuurdersheffing,
- regulering van de huren in de vrije sector,
- onteigenen van huisjesmelkers,
- weren van op geld beluste beleggers,
- terug naar een ministerie van Volkshuisvesting,
- het verbod op kraken afschaffen,
- stop sloop voor dure nieuwbouw,
- en jaag geen mensen hun huis uit,
- vluchtelingen en arbeidsmigranten zijn niet de schuld van de wooncrisis, het beleid is de schuld.
De manifestatie eindigt om 16 uur met een citaat uit de grondwet waarin staat dat de regering moet zorgen voor goede huisvesting: WONEN IS EEN RECHT!
Na afloop van de manifestatie in het Westerpark lopen de deelnemers naar de Dam. Het is een enorme stoet. Vanuit het publiek komen veel positieve reacties. Want elke Amsterdammer heeft op hun manier wel last van de wooncrisis.

De WOZ-waarde van een sociale huurwoning, dus wat het huis of appartement waard is volgens het Kadaster, bepaalt mede de hoogte van de huurprijs omdat het meeweegt in de puntentelling. De WOZ-waarde wordt bepaald door de desbetreffende huurwoning te vergelijken met de gemiddelde verkoopprijs van vergelijkbare woningen.
Dit is eigenlijk een vreemde en oneigenlijke vergelijking. Een sociale huurwoning valt onder het gereguleerde segment en daar geldt geen marktwerking. Daarentegen vallen koopwoningen wel onder de marktwerking en zijn de koopprijzen speculatief en vaak hoger dan de feitelijke waarde van het vastgoed.
De WOZ-waarde komt dus eigenlijk neer op het vergelijken van appels met peren. Zo’n oneigenlijke vergelijking kan toch nooit een wettelijk voorschrift of regelgeving zijn? Zouden sociale huurwoningen niet een stabiele en vaste WOZ-waarde moeten hebben, met een jaarlijkse indexering en onafhankelijk van de koopwoningenmarkt?
Zijn er onder de huurders een of meer juristen die dit samen met Arcade willen uitzoeken? Mail naar info@hvarcade.nl.
Grote krantenkop in Tubantia (uit Enschede): ‘Moeder overleden, kinderen op straat gezet. Maar ook in Amsterdam komt dit voor. Ook in het netwerk van de ombudshuurder dreigt na het overlijden van de hoofdhuurder de partner de huur opgezegd te worden. Heel triest zeker gezien de omstandigheden. Is dit te voorkomen? De ombudshuurder zet voor u de zaken op een rij.
Indien een samenwonend stel is getrouwd of een samenlevingscontract (geregistreerd partnerschap) heeft afgesloten is er geen vuiltje aan de lucht. Dan gaat het huurcontract automatisch over op de achtergebleven huisgenoot, ook al heeft dit altijd op naam gestaan van de overledene. Bij ongeregistreerd samenwonen heeft de achtergebleven huisgenoot geen enkel recht en zal dus op straat komen te staan, ook al hebben zij heel lang samengewoond. Slechts goodwill van de verhuurder kan dan helpen.
Verzoek om bijschrijven op het huurcontract
Om zo’n zeer vervelende en nare situatie te voorkomen kan bij de verhuurder een verzoek ingediend worden om als medehuurder op het huurcontract bijgeschreven te worden. Een voorwaarde is wel dat men al enige jaren een duurzaam gemeenschappelijk huishouden heeft. En ook dat de beoogde medehuurder genoeg verdient om de huur eventueel alleen op te kunnen brengen. Verder moet het medehuurderschap niet bedoeld zijn om de ander ‘even snel’ hoofdbewoner te kunnen maken na vertrek of overlijden van de oorspronkelijke huurder. Een afwijzingsgrond kan bijvoorbeeld zijn dat de woning niet passend (te groot) is voor de achtergebleven huisgenoot alleen.
Indien de verhuurder het medehuurderschap afwijst kan men naar de kantonrechter stappen. Een kantonrechter zal altijd de individuele situatie wegen, beoordelen en beslissen om het medehuurderschap alsnog toe te staan of niet. Uit de praktijk is bekend dat rechters nogal terughoudend zijn met toewijzen, maar er zijn ook positieve gevallen bekend.
Ouders met inwonende kinderen
Ouder(s) met inwonende kinderen vallen in principe niet onder onder een duurzaam gemeenschappelijk huishouden. De rechter ziet de relatie tussen kinderen en ouders niet als ‘duurzaam samenwonen’ maar als ‘aflopend samenwonen’ omdat de kinderen het huis zullen verlaten om op zichzelf te wonen. Heel soms, als het kind ouder is dan 32-40 jaar (verhuurders hanteren verschillende leeftijden) en nog steeds thuis woont, als hij of zij nooit aanstalten heeft gemaakt om weg te gaan én een gelijkwaardige financiële bijdrage levert aan het huishouden, kan de kantonrechter in sommige gevallen positief beslissen.
Meerderjarige kinderen onder de 35 jaar die achterblijven in een sociale huurwoning nadat de hoofdhuurder (hun moeder of vader) is overleden, kunnen niet automatisch het huurcontract overnemen. In de regel moeten zij na zes of uiterlijk twaalf maanden, afhankelijk van de verhuurder, de woning verlaten. Dit is een prangend probleem.
Mantelzorgers
Voor een goede mantelzorg kan het belangrijk zijn dat de verzorger in de woning komt wonen. Hier gelden dezelfde voorwaarden als bij gewoon medehuurderschap. Hoewel dit bij terminale patiënten een probleem kan opleveren. Daarom is het verstandig om snel en tijdig de aanvraag in te dienen, voordat een dergelijke situatie zich voordoet.
De praktijk wijst uit dat corporaties hier verschillend mee omgaan. De een staat het makkelijker toe dan de ander. Soms kan urgentie de doorslag geven, met name bij de kantonrechter, bijvoorbeeld als inwonen medisch gezien noodzakelijk is. De aanvrager laat bovendien zelf een woning achter in Amsterdam of elders, eventueel met huisbewaarderschap. Zo’n urgentieverklaring kan worden afgegeven door B&W. De voorwaarden hiervoor zijn te vinden op de website van !WOON: www.wooninfo.nl.
Coulance
Soms biedt de corporatie uit coulance een andere woning aan de huisgenoot aan wanneer de hoofdhuurder overlijdt. Er wordt dan gekeken of een woning ‘passend’ is. Wanneer de huisgenoot alleen achterblijft in een eengezinswoning wordt bijvoorbeeld een kleiner appartement aangeboden. Bij jongeren wordt vaker een jongerenwoning aangeboden.
In noodsituaties, zoals dreigende uitzetting, kan publiciteit soms helpen. Zo mogen de kinderen in Enschede na de ophef in de pers langer in de woning blijven tot er een goed en passend alternatief is gevonden. Want de huidige woning is een gezinswoning en dus niet passend, maar zij komen niet op straat te staan.
Artikel bij de NOS:
Het Huurders Netwerk Amsterdam (HNA) zoekt nog twee leden voor het bestuur.
Het HNA bestuur faciliteert en ondersteunt een netwerk van meer dan dertig lokale organisaties die opkomen voor betere bescherming, lagere huurprijzen en betere woonvoorwaarden van iedereen die in Amsterdam afhankelijk is van gehuurde woonruimte. Meer informatie vindt u op de website van het HNA.
Janine Nanninga, Joske Siemons en Aleida Verheus zitten in de Geschillencommissie van De Key. De commissie heeft een duidelijke missie: de huurder en De Key dienen door heel grondig en objectief naar elke klacht te kijken.
Soms meldt een huurder een klacht bij De Key maar lukt het niet om een oplossing te vinden. De huurder kan in zo’n geval een klacht indienen bij de Geschillencommissie. Deze commissie kent vijf onafhankelijke leden die niet in dienst zijn van De Key. De leden beoordelen de klacht en het standpunt van De Key en adviseren het bestuur van De Key over de afwikkeling van de klacht.
Janine Nanninga is voorzitter van de Geschillencommissie. Harry Wolring en Philippine van der Schuyt zijn, net als Joske Siemons en Aleida Verheus, algemeen commissielid.
Naast hun werk bij de Geschillencommissie, hebben ze ook andere functies. Nanninga is lid van de Raad van Toezicht bij diverse onderwijsinstellingen. De Raad van Toezicht controleert het bestuur/de directie van een organisatie. Nanninga was verder bestuurder bij een juridische dienstverlener en is mediator. Siemons is juriste en was advocaat. Ze werkte ook bij de Nationale Ombudsman: een instelling die klachten van burgers over de overheid behandelt. Verheus is senior adviseur-warmtetransitie. Daarnaast is ze lid van de Commissie van Toezicht bij een onderwijsinstelling om hier de externe toets op de kwaliteit van afstudeerwerken te doen. Schuyt is planoloog en werkt als projectleider in de ruimtelijke ordening, Wolring doet de administratie van meerdere bedrijven.
In dit interview gaan Janine Nanninga, Joske Siemons en Aleida Verheus wat uitgebreider in op hun werk voor de Geschillencommissie.

Wat is uw missie?
‘De onafhankelijke beoordeling van klachten. Dit doe je door zorgvuldig onderzoek te doen. Daarnaast maken we duidelijk wat klagers van de Geschillencommissie kunnen verwachten.
We houden De Key ook scherp. Er kwam ooit een klacht binnen over een gekapte boom. Wij adviseerden toen om de communicatie met huurders te verbeteren. Als huurders eerder waren geïnformeerd, hadden ze waarschijnlijk begrepen dat de boom weg moest en hadden ze bezwaar tegen de kapvergunning kunnen maken bij de gemeente.
Wij hebben één keer per jaar een gesprek met de directie van De Key. Dan vragen ze naar verbeterpunten zodat er minder klachten binnenkomen. Wij adviseerden bijvoorbeeld om de klachtprocedure op de website duidelijker te maken. ’
Hoe is de Geschillencommissie samengesteld?
‘Twee leden zitten er op voordracht van Arcade, twee op voordracht van De Key. Samen kiezen zij de voorzitter. Er is geen taakverdeling; iedereen is van alle markten thuis. Elk lid heeft stemrecht. Leden kunnen maximaal drie termijnen van vier jaar zitting hebben in de commissie. Twaalf jaar is dus het maximum.’
Kunt u uitleggen wat een geschil precies is?
‘Er is sprake van een geschil wanneer een klager het niet eens is met een gedraging van De Key. De Key voert een handeling dan niet uit zoals de klager dat wil. Soms vindt een huurder dat De Key een reparatie niet goed uitvoert en ook niet goed herstelt. Dan gaan wij naar het geschil kijken. Geschillen kunnen ook over bejegening gaan. Dan gaat het over de manier waarop De Key met huurders omgaat. Als De Key bijvoorbeeld niet reageert op klachten van huurders, kan dat ook een reden zijn om naar de Geschillencommissie te stappen.’
Wanneer neemt u een klacht in behandeling en wat is dan de vervolgstap?
‘De Key moet de mogelijkheid krijgen om het probleem op te lossen. Lukt dat niet, dan staat in het geschillenreglement onder welke voorwaarden de Geschillencommissie de klacht in behandeling neemt. Als een huurder een klacht heeft over het beleid van De Key, kunnen wij daar niets mee. Er kan wel worden geklaagd over de manier waarop De Key het eigen beleid uitvoert.
Als wij met een klacht aan de slag gaan, komt er in principe een zitting op het kantoor van De Key. We kunnen natuurlijk ergens anders een zaaltje huren, maar daar moet voor betaald worden. Dat benadrukken we als we met de huurder in gesprek gaan.’
Wie zijn er tijdens de zitting van de Geschillencommissie aanwezig?
‘De huurder, De Key en drie leden van de commissie. De commissie bestaat dan uit de voorzitter, een lid op voordracht van Arcade en een lid op voordracht van De Key.
Je merkt dat als De Key en de huurder elkaar tijdens de zitting treffen, ze meer met elkaar gaan praten. Ze blijven dan niet langer in hun loopgraven zitten.
De Key maakt het werk van de Geschillencommissie mogelijk. Daarom hebben we een secretaris. Zij is in dienst van De Key maar ze heeft geen stemrecht. De secretaris is er om ons maar óók de huurder te ondersteunen. Ze bereidt belangrijke stukken voor. De secretaris hielp onlangs een huurder die moeite had met digitale communicatie. Ze zijn toen samen gaan oefenen zodat er tijdens de zitting geen problemen zouden ontstaan.’
Hoe komt u tot een definitieve beslissing?
‘Door de zaak vanuit verschillende invalshoeken te bekijken. Gelukkig vullen we elkaar goed aan. We discussiëren veel. Uiteindelijk bepaalt de meerderheid wat het advies wordt. Ons advies is een paar weken na de zitting bekend.
We moeten goed uitleggen waarom we iets adviseren, of we nu de huurder gelijk geven of De Key. We proberen tijdens een zitting partijen er samen uit te laten komen. Soms lukt het. Er moet dan wel iemand van De Key aanwezig zijn die voldoende mandaat heeft om afspraken te maken.
Er bestaat ook een spoedprocedure. We hadden een keer een hoogzwangere vrouw die dringend op een uitspraak zat te wachten. Binnen anderhalve week was er een zitting. Anderhalve week na de zitting lag er een uitspraak.’
Is het advies dat u geeft bindend?
‘Neen, maar wel zwaarwegend. Volgens het nieuwe reglement dat sinds 15 juli 2021 geldt, mag De Key er wel van afwijken. De Key moet dat echter kunnen uitleggen. Er moeten zwaarwegende redenen zijn. Als de huurder het niet eens is met de beslissing, kan hij naar de Huurcommissie of de rechter stappen.’
Wat is het verschil tussen de Geschillencommissie en de Huurcommissie?
‘In tegenstelling tot de Huurcommissie is de procedure bij de Geschillencommissie gratis. De Key kan van de adviezen van de Geschillencommissie afwijken. De uitspraken van de Huurcommissie zijn bindend.
De Huurcommissie heeft meer bevoegdheden. De Huurcommissie kan bijvoorbeeld huurkorting afdwingen bij ernstig achterstallig onderhoud. Ook gaat de Huurcommissie over huurprijsverhogingen en servicekosten. De Huurcommissie speelt ook een rol bij eventuele huurverlaging.
Er zijn een aantal wettelijke waarborgen voor huurders. Na een uitspraak van de Geschillencommissie kan een huurder naar de Huurcommissie of de rechter.’
Met welke organisaties werkt u veel samen?
‘We mogen extern advies inwinnen als we dat nodig achten. Van een jurist bijvoorbeeld, of een technisch bureau dat bij een casus kan adviseren.
We hebben in elk geval jaarlijks contact met Arcade en met de directie van De Key. We houden een register bij dat we ieder jaar naar De Key en Arcade sturen. In het register staan alle klachten die zijn ingediend en behandeld door de Geschillencommissie. We sturen De Key en Arcade ook altijd een jaarverslag toe.’
Wat vindt u van de instrumenten die huurders hebben om een geschil met de verhuurder (en ook de gemeente) aan te kaarten? In het licht van medezeggenschap – maar ook het toeslagenschandaal – hoe zou u invulling geven aan de mogelijkheden voor huurders (en burgers) om invloed uit te oefenen op hun woonsituatie?
‘Een huurder kan veel aan zijn huidige woonsituatie doen. Hij kan naar een manager van De Key stappen en zo proberen invloed uit te oefenen. Daarnaast is er contact met Arcade mogelijk en op veel plekken ook met de lokale bewonerscommissie. Verder zijn er de Geschillencommissie, de Huurcommissie of de rechter. Wet – en regelgeving maakt veel mogelijk. Er zijn genoeg middelen om een probleem op te lossen. Je krijgt natuurlijk niet altijd je zin. De uitdaging voor De Key is om dicht bij de klant te blijven. Het gaat vaak over meerdere lagen. Een vast aanspreekpunt is beter voor de communicatie.’
